Ja, dat vraag ik me regelmatig af. Ik wandel graag en dan denk ik na… en praat met God. Tenminste, zo voelt het. Anderen zullen misschien zeggen dat ik tegen mezelf praat, prima, maar voor mij is het echt een gesprek.
Van jongs af aan heb ik leiding gevoeld. Misschien denk je dat dat makkelijk is als alles van een leien dakje gaat, maar dat is het zeker niet. Ik heb behoorlijk wat uitdagingen gekend en toch heb ik in alle stormen mijn geloof kunnen behouden. Ik ga niet zo vaak meer naar de kerk, maar zoals ik al zei: ik praat bijna elke dag met God, vooral tijdens het wandelen.
Ik zie de schoonheid van de schepping in de kleine dingen. Veel van mijn dromen zijn niet uitgekomen zoals ik had bedacht, maar dat geldt voor velen van ons. Toch heb ik mijn vertrouwen behouden: vertrouwen dat het goed komt, misschien niet zoals ik het had gepland, maar wel goed.
Ken je de gelijkenis van de vissers? Ze hebben de hele nacht gevist en niets gevangen. Dan staat er een man aan de oever en zegt: “Gooi je netten eens aan de andere kant.” En opeens zitten de netten vol. Dat is Jezus natuurlijk. Als kind vond ik het gewoon een mooi verhaal, maar toen ik diep in ellende zat, kreeg het een diepere betekenis: gooi je netten eens over een andere boeg. Precies dat hoor ik nog steeds, ook als dingen niet helemaal gaan zoals gepland.
Er is zoveel afleiding en ruis in ons leven. Horen we nog wat ons gezegd wordt? Staan we er nog voor open? We schreeuwen allemaal om gezien en bevestigd te worden… maar om wat eigenlijk? Je bent goed zoals je bent. Daar mag je op vertrouwen. Dat zeg ik tegen mezelf als ik over de grindpaden loop, en ik houd mezelf voor dat dit God is. Dat voelt fijn.
De maatschappij waarin ik leef – de Randstad – lijkt vervreemd van God, althans van de christelijke God. Zelf ben ik ervan overtuigd dat er niet verschillende Goden zijn. Als er al een God is, is die allesomvattend, ongeacht de naam die we eraan geven.
Wat jagen we eigenlijk na? Altijd meer, altijd beter. De lat ligt zo hoog, ik zie zoveel jongeren die vastlopen. Wat als we ons realiseerden dat we gewoon al genoeg zijn? Hoe zou dat voelen?
In al ons najagen staat God op de backburner. Ja, ook bij mij soms. Toch voel ik dat er iets is. Als ik naar de vogels kijk, naar de bloesem om me heen, naar lachende kinderen in de straat… dan voel ik dat er iets aanwezig is. Dat noem ik God.
Gelooft God nog in ons? Ik weet het zeker. Maar als ik God was, zou ik soms mijn twijfels hebben.